| |
 |
Les vêpres siciliennes Giuseppe Verdi 1813 1901
I
Palermo, eind 13de eeuw. Franse bezettingstroepen prijzen de gouverneur, Guy de Montfort. De Siciliaanse hertogin Hélène wordt door de bevolking met respect begroet. Zij is in de rouw vanwege haar broer Frédéric, ter dood gebracht door Montfort; deze houdt haar vast als gijzelaar. Haar schoonheid maakt indruk op Franse officieren, die haar dwingen een Siciliaans lied te zingen. Zij maakt daarvan gebruik om het volk tot verzet op te zwepen. Als de Sicilianen de Fransen willen aanvallen, verschijnt plotseling Montfort, die met één handbeweging de gemoederen weet te bedaren. Henri, een jonge Siciliaan, is vrijgelaten uit gevangenschap, maar weet niet waarom. Hij denkt dat zijn vader in ballingschap is gestorven, zijn moeder heeft hij uit het oog verloren. Henri is verliefd op Hélène. Montfort waarschuwt hem echter: hij moet uit haar buurt blijven. Henri weigert dit te beloven.
II
Jean Procida, leider van het verzet, keert terug na zijn pogingen om steun te krijgen van de Spanjaarden en Byzantijnen: zij willen alleen helpen als het volk zelf in opstand komt. Henri biedt zijn beste krachten aan voor de strijd. Hélène vraagt hem haar broer te wreken, dan zal zij de zijne worden. Montfort sommeert Henri naar een bal te komen, wat hij trots afwijst. Daarop wordt hij gevangengenomen. Tijdens het feest ontvoeren de Fransen een groep jonge bruiden, daartoe aangemoedigd door Procida, die hoopt dat dit de woede van de Sicilianen zal opwekken. Vervolgens roept hij de bevolking op tot wraak. Montfort moet sterven.
III
In zijn werkkamer denkt Montfort terug aan de tijd dat hij een Siciliaanse had ontvoerd, bij wie hij een kind verwekte. Zij verdween met het kind, achttien jaar geleden. Montfort krijgt nu een brief van haar: hij moet het leven van Henri sparen, want deze is zijn zoon! De gouverneur beveelt dat men Henri met egards moet behandelen en laat hem halen. Hij is diep ongelukkig door de onthulling.
Tijdens een groot bal spreken Hélène en Procida met Henri over hun geplande aanslag op Montfort. Henri voelt zich genoodzaakt zijn vader in te lichten en beschermt hem als hij door Procida en Hélène wordt aangevallen. Zij worden gearresteerd.
IV
Henri heeft toestemming de gevangenen te bezoeken. Hélène veracht hem wegens zijn gedrag, totdat hij haar uitlegt dat Montfort zijn vader is. Zij verzoenen zich met elkaar. Procida vertelt dat de Spanjaarden aangekomen zijn om de Sicilianen bij te staan. Dan kondigt Montfort aan dat de gevangenen weldra zullen worden geëxecuteerd. Henri smeekt om hun leven: Montfort is bereid hen te sparen mits hij hem 'vader' noemt. Aldus geschiedt en de samenzweerders zijn vrij.
V
Het huwelijk van Henri en Hélène zal worden ingezegend. Wat Henri echter niet weet, is dat de opstandelingen tot de aanval over zullen gaan zodra de bruidsklokken luiden. Om haar geliefde te redden zegt Hélène tegen Henri dat ze niet met hem kan trouwen. Maar Montfort zet de ceremonie in gang en weldra hoort men de klokken. De Sicilianen storten zich op Montfort en de andere Fransen
|
|
 |
 |
|
|
|